Highlights van de RES Software Partner Dag

Tijdens de RES Partnerdag is veel informatie naar buiten gekomen over de nieuwe producten en versies. In deze blog een korte samenvatting voor wat ons staat te wachten. Veel ervan is al naar buiten gekomen via Twitter, maar hierbij een korte samenvatting.

RES zet in op de consumenten, de gebruikers van datgene wat wij, de IT aanbieden. IT as a Service wordt IT is a Service. De IT afdeling is service verlenend en helpen de gebruiker om te kunnen werken met het device dat hij zelf wil gebruiken. Tevens helpen wij hem bij de inrichting van zijn werkplek. Hiervoor is het nodig om een Enterprise IT Store aan te bieden. Hierin worden niet alleen applicaties aangeboden (= Appstore) maar ook alle andere services die IT kan aanbieden. Denk bijvoorbeeld aan het aanpassen van de gebruikersgegevens in het AD, zodat telefoonnummers kloppen en het aanvragen van een nieuwe laptop.

De cloud komt er aan (of is er eigenlijk al). RES sluit zich aan bij de 3P’s van Citrix: Personal, Private en Public clouds. Echter de cloud ziet er van boven wel mooi uit, maar van onder is het toch nog een soort hurricane voor de gebruikers. Het is nog niet duidelijk waar hij heen gaat en wat je er mee kan of hoe je het moet inzetten. Via RES tools als Automation Manager, Service Orchestration en Workspace Manager wordt de cloud makkelijker te bevatten en te beheren. RES HyperDrive is daarnaast een goede uitbreiding binnen veel Private clouds van overheden en binnen de medische wereld. Daar moet de data zo secure mogelijk zijn, waarbij de data niet buiten de eigen infrastructuur mag worden opgeslagen. RES HyperDrive zorgt voor encryptie van de data op alle devices van de gebruikers, terwijl de data zelf niet eerst in een cloud storage moet worden opgeslagen. Voor RES HyperDrive komt overigens geen EAP beschikbaar. Wel zal er over enkele maanden een Technology Preview uitkomen.

Vernieuwingen in RES Workspace Manager 2012

RES staat niet stil. De ontwikkeling van huidige producten is in volle gang. RES Workspace Manager 2012 komt over niet al te lange tijd uit en bevat een aantal vernieuwingen.

De grootste verandering is de Relay Server. Dit wordt de dispatcher van RES Workspace Manager. Door deze in te zetten wordt het aantal verbindingen naar de database flink beperkt. Alle losse WM Agents gaan tegen deze Relay server kletsen. De Relay server geeft de informatie weer door naar de SQL server. Daarnaast cached de Relay server de configuratie-data lokaal, zodat hij deze snel naar de agents kan verspreiden. Informatie als audit en usage tracking data, worden via de Relay server naar de database gestuurd en wordt verder niet door de Relay server gecached, tenzij de database offline is.

Daarnaast wordt de Reporting Server geïntroduceerd. Dit wordt de vervanger van de huidige Usage Tracking Overview. Een losse server waar de rapporten op te vragen zijn. Tevens biedt deze server enkele API’s, waardoor 3rd parties nieuwe rapporten kunnen programmeren. Het grootste overzicht binnen deze rapporten wordt ook aangepast. Voortaan is het mogelijk om binnen de lijst van alle applicaties voor alle gebruikers, ook te tonen hoeveel gebruikers die applicatie precies gebruiken en op welke pc’s deze software is geïnstalleerd.

De management console krijgt een extra optie om zaken event-base te bekijken. In een duidelijk overzicht zie je de volgorde waarop zaken voor de gebruiker worden geregeld. Hierdoor is een beter overzicht te krijgen wat er op welk moment gebeurd als de gebruiker inlogt. Tevens zijn in dit overzicht ook de volgordes te bepalen. Het overzicht bevat dezelfde gegevens als nu al binnen de module Compositie te vinden zijn, alleen dan anders weergegeven. Veranderingen die in deze ‘Event-viewer’ worden gemaakt, worden ook direct zichtbaar in de huidige weergaven van Registry, Files & Folders, etc.

Naast shortcuts is het straks ook mogelijk om processen op te vangen. Via Intercept Applications is het mogelijk het systeem te monitoren op processen. Start bijvoorbeeld het Winword.exe proces, dan wordt deze tijdelijk een halt toegeroepen, waarna RES WM eerst de instellingen van de gebruiker regelt voor deze applicatie/proces. Nadat RES WM de instellingen heeft verwerkt, kan het proces weer verder gaan. Deze optie staat standaard uit. In latere releases van Workspace Manager is de kans groot, dat dit default aan staat.

De laatste grote verandering is de Scenario Wizard. Deze kan gezien worden als een RSoP rapport voor de Workspace Manager omgeving. Het laat zien wat er voor de gebruiker veranderd als een bepaalde instelling wordt doorgevoerd. Je geeft op hoelaat, waar vandaan en welke gebruiker er in logt en je krijgt een ‘diagnostic overview’ uit de toekomst. IT wordt voorspelbaar.

Andere vernieuwingen zijn onder andere cached user settings voor laptopgebruikers, folder redirection (iets wat nu voornamelijk nog via GPO moet), execute commands met verhoogde rechten, Zone rules voor het bestaan van een bepaalde folder of bestand, filters voor user settings (bijvoorbeeld het opslaan van cookies van alleen de afgelopen maand) en wildcard support binnen applicatie shorts. In het laatste geval kan bijvoorbeeld c:\program*\microsoft office\winword.exe in 32 en 64-bit omgevingen worden gebruikt, om daarmee één shortcut aan de gebruiker aan te bieden voor beide omgevingen). Ook is het vanaf nu mogelijk om meerdere applicaties te gelijk aan te passen (bv. de workspace veranderen). Helaas is het meerdere applicaties tegelijk verwijderen, nog niet mogelijk (tenzij deze in een subfolder staan en je deze subfolder verwijderd).

Daarnaast komt ook in RES Workspace Manager ondersteuning voor SCCM. Hierdoor is het mogelijk om voor het starten van een bepaalde applicatie, deze eerst door SCCM te laten installeren of andere zaken door SCCM te laten regelen. Tevens heeft RES het voor elkaar gekregen om SCCM deze taken ook direct voor de gebruiker uit te laten voeren, zelfs met SCCM 2007. Normaal heeft SCCM de tijd nodig om dit soort opdrachten te verwerken, zeker met de 2007 versie. RES heeft hier echter om heen weten te werken, zodat taken, net als met RES Automation Manager, direct worden uitgevoerd.

Naast deze veranderingen komen er ook nieuwe templates bij voor het opslaan van gebruikersinstellingen:

  • Adobe Professional X
  • Adobe Suite CS5
  • Foxit Reader 5
  • Google Chrome 11-16
  • iTunes 10
  • Internet Explorer 9
  • Microsoft Lync 2010 en Communicator 2007
  • Firefox 4-9
  • Opera 11
  • Quicktime 7
  • Skype 5
  • Windows explorer settings (nu al beschikbaar als buildingblock op www.resguru.com)
  • Windows Messaging Subsystem
  • Windows Live Messenger 2011
  • Winrar 4
  • Winzip 10,11 en 16
  • Yahoo! Messenger 9 – 11

Als laatste was er nieuws over de verschillende edities. De silver editie is te verkrijgen in twee smaken: Performance & Security of Advanced Administration. De laatste is de huidige silver editie, maar je kunt dus in het vervolg ook kiezen voor Performance & Security. Deze is eenmalig te zetten bij het invoeren van de licentie en daarna niet meer te veranderen.

RES Automation Manager 2012

Ook op het vlak van RES Automation Manager zijn verbeteringen aangebracht. RES AM 2012 is op dit moment al enkele weken uit en bevat ook een aantal grote updates.

Dispatcher+, is de opvolger van de huidige dispatcher. De nieuwe dispatcher kan 1500 of meer RES AM agents tegelijk bedienen. Voor grote omgevingen scheelt dit een behoorlijk aantal servers. De Dispatcher+ kan op 64bit systemen draaien en volledig gebruik maken van alle processor cores en het geheugen wat in deze systemen aanwezig is. Dit in tegenstelling tot de oude dispatcher, welke maar single-threathing was.

SCCM ondersteuning is ook in RES Automation Manager te vinden. Deze kan SCCM taken laten uitvoeren, welke ook direct worden uitgevoerd (net als met RES Workspace Manager). Tevens bevat RES Automation Manager 2012 een Linux agent. Deze maakt het mogelijk om vanuit de Windows omgeving je Linux servers te beheren. De linux client werkt ook goed op XenServer. Helaas is VMware ondersteuning nog niet aanwezig.

Updates worden niet meer verzorgt door de .wup-bestanden. Daarvoor in de plaats is een executable gekomen, die gestart moet worden op een server/pc die dispatcher is, of waar de console op geinstalleerd is. De executable verzorgd de afhandeling van een aantal checks om te voorkomen dat de omgeving na de update niet meer werkt (de vereisten van de nieuwe versie van RES AM 2012 worden nagelopen op de hele omgeving). Als alles okee wordt bevonden, draait de update echter wel als in het verleden. De ene executable verzorgt de gehele update van de hele omgeving, waarbij de componenten na elkaar worden geüpdate.

Naast dit alles zijn er ook weer een aantal nieuwe taken, queries en evaluators toegevoegd en heeft RES AM de mogelijkheid gekregen om globale variabelen te gebruiken. Deze laatste kunnen handig zijn voor hosting bedrijven of klanten die meerdere domeinen onder hun hoede hebben. Gebruikersnaam en wachtwoord voor het uitvoeren van taken kunnen via globale variabelen per omgeving/agent-team worden ingesteld. Ook is het mogelijk om nu Launch Windows in te stellen. Hierbij voorkom je dat RES AM taken gaat uitvoeren op momenten dat het niet goed uitkomt (zoals overdag tijdens productiedagen).

RES Automation Manager: Parsing Parameters in bestanden

In deze blog tonen we hoe je met RES Automation Manager parameters en Windows variabelen kunt opnemen binnen een bestand. Dit doen we aan de hand van het XenApp update script, die door Thomas Koetzing is gemaakt. Dit script bevat een aantal instellingen die je normaal handmatig moet aanpassen. Door hier parameters in op te nemen, maken we dit script eenvoudig op te nemen in verschillende omgevingen waarin Citrix XenApp 6.0 en XenApp 6.5 draaien.

In dit blog gaan we alleen op het downloaden van de hotfixes in. Het Buildingblock op het einde bevat het update-script in twee delen. Eentje voor het downloaden en eentje voor het updaten van servers. Dit voorkomt dat elke server opnieuw alle hotfixes gaat downloaden van de Citrix servers.

In het script staan alle in te vullen instellingen bovenin. Zie het screenshot hiernaast. We gaan deze instellingen direct vervangen door parameters, nog voordat we ze überhaupt hebben aangemaakt binnen RES AM. Om vervolgens deze parameters te vervangen door de ingevulde waarden, moet het script eerst worden opgenomen binnen de RES Automation Manager database.

 

 

Maak een nieuwe Resource aan en kies ‘Stored in database’. Browse naar het update script en selecteer deze. Nadat hij geïmporteerd is, klik je op het tabblad ‘Properties’ and vink de laatste twee checkboxes aan; ‘Parse variables, parameters and functions’ en ‘Skip parsing of environment variables’. Deze laatste optie zorgt ervoor dat RES Automation Manager geen Windows variabelen aanpast, welke ook later in het update-script staan. Uiteraard zouden we ook alle variabelen in het script kunnen aanpassen met parameters, maar dat kost ontzettend veel tijd en maakt het updaten in de toekomst veel moeilijker.

Nadat we deze opties hebben ingesteld, gaan we direct het bestand aanpassen en de parameters invoegen. Ga terug naar het eerste tabblad en klik op de knop ‘Edit’. Verander alle variabelen door parameters. RES Automation Manager gebruikt de volgende structuur voor een plek die veranderd moet worden door een parameter: $[parameter]. Hieronder staan alle parameters die je moet invoeren (klik op het plaatje om deze te vergroten).Let Op: Op dit moment zit er nog een bug in RES Automation Manager, waardoor %% wordt vervangen door een enkele %. Om te voorkomen dat hierdoor het script defect raakt, moeten we een kleine aanpassing maken. Doe een Zoek&Vervang binnen het script en verander alle %% door %%%. Na het parsen van het bestand, veranderd dit automatisch terug naar %%, waardoor het script blijft werken. Zie ook RES Portal artikel Q203306: Double percent signs are replaced by a single percent sign. Deze bug wordt opgelost in RES AM 2012 SR1. Onthoud dit, omdat je op dat moment de %%% weer moet vervangen door %%.

Zoek binnen het script ook naar het woord ‘Pause’ op het einde van het script. Deze staat er twee maal in. Haal deze regels weg, omdat ze het script anders continue laat doorlopen. Na al deze aanpassingen kun je Notepad afsluiten, de aanpassingen worden op dat moment automatisch opgeslagen.

Het script gebruikt wget.exe om de hotfixes en rollup packs te downloaden. Deze moet dus ook worden toegevoegd als resource. Omdat het een klein bestand is, die gedownload moet worden naar de server die de updates download, kun je hem het beste ook opslaan in de database (‘store in database’).

Nadat dit gedaan is, kun je de download module gaan maken. Creëer een nieuwe module en kies voor de taak ‘Download’. Als resource kies je wget.exe en het update-script die je net hebt toegevoegd als resource. In het ‘destination’-veld maak je een parameter aan. Klik daarvoor met de rechtermuisknop in het veld en kies voor ‘Insert Parameter’->’Add Parameter’. In het tabblad ‘Input’ kies je voor ‘parameter value is required (may not be empty)’. Nadat de parameter is aangemaakt is de taak klaar en kun je hem opslaan met de knop ‘OK’.

De download-taak is nu klaar, maar het script moet ook nog uitgevoerd worden. Voeg een nieuwe taak toe en kies nu voor ‘Command (Execute)’. Selecteer ‘Execute command using Windows command interpreter’ en ‘redirect standard output and standard error to logfiles’. Klik met de rechtermuisknop in de ‘command-line’-box en kies voor ‘Insert Script’. Ga vervolgens naar het tabblad ‘Script’. Klik hier weer met de rechtermuisknop in en selecteer ‘Insert Parameter’ en kies de parameter die je hebt aangemaakt in de ‘Download resource’-taak. Type achter de ingevulde tekst een ‘\’ en type daarna de naam van het update-script. Sluit het venster met de ‘OK’-button.

Nu moeten we allen nog de parameters toevoegen die we in het update-script gebruiken. Er zijn drie parameters die niet worden opgegeven door gebruikers, omdat de waarde hiervan vast staat. Dit zijn de XA-parameter (deze is altijd XA), de OS-parameter (deze is altijd W2K8R2) en de Download_only-parameter (aangezien we ons concentreren op het download gedeelte van het script, is deze altijd Yes). Om deze toe te voegen ga je naar het tabblad ‘Module Parameters’, daar kies je voor ‘Add new parameter’. Creëer de XA, OS en Download_only parameters en vul de default/vaste waarde in. Ga daarna naar het ‘Input’-tabblad. Uncheck ‘when importing buildingblock’ en ‘when scheduling job’, aangezien deze waarden niet door de gebruiker ingevoerd worden. Bij het aanmaken van de parameters, moet je er goed op letten de exact gelijke naam te gebruiken, als je eerder in het script hebt gebruikt tussen de [blokhaken]. Als je een typefout maakt of een andere naam gebruikt, wordt de waarde in het script niet aangepast.

Nadat je deze drie parameters hebt aangemaakt, kun je de rest aanmaken. Doe dit op dezelfde manier als bij de andere drie, maar met een paar kleine veranderingen op het ‘input’-tabblad. Zorg ervoor dat ‘When scheduling job’ aangevinkt blijft en haal het vinkje weg bij ‘Hide parameter if parameter is not used directly’. Deze laatste is nodig om er voor te zorgen dat RES Automation Manager de parameter ook vraagt aan de gebruiker in te vullen, als deze de job scheduled. Zou je hem niet aanvinken, dan wordt de parameter niet getoond, omdat deze niet direct wordt gebruikt in de module, maar indirect bij het parsen.

Nadat je alle parameters hebt aangemaakt, zou je ongeveer deze lijst moeten hebben:

De module kan nu gedraaid worden op de server die de hotfixes download. Hierbij gaan we er vanuit dat er al een download directory is en dat deze ook geshared wordt binnen het netwerk met ‘read rechten’ voor andere domain-members. Bij het schedulen van de module, vraagt RES AM de gebruiker om informatie, wat er ongeveer uit zou moeten zien zoals in de screenshot.

Nadat je het script hebt gedraaid, vind je in de download directory het script met de ingevulde parameters, wget.exe en de gedownloade hotfixes en rollup packs van de XenApp versie die je hebt opgegeven. Kijk je dieper op de uitgevoerde taak binnen RES Automation Manager, dan zie je zoiets als hiernaast staat afgebeeld. Hierin valt mogelijk de ‘error log’ op van het script. Dit is normaal. Hierin staan de verschillende kb-artikelen die het script download om de hotfixes uit te extracten.

Het building block dat aan dit artikel zit, kent een RunBook, 2 modules en het update-script in tweeën gesplitst. Het ene deel download de updates op de fileserver. Het 2de deel kopieert de hotfixes naar de lokale harddisk van de XenApp server, schakelt tijdelijk de UAC uit en update de XenApp server.

Zoals je kan zien is het parsen van paremeters erg krachtig. Daarnaast is RES Automation Manager in staat om ook Windows variabelen al in te vullen binnen het script. Denk hierbij aan bijvoorbeeld de computernaam. Elk text-bestand kan aangepast worden, dus naast .cmd kun je ook .vbs en txt bestanden aanpassen. Een ander voorbeeld is te vinden op ResGuru.com, in het Citrix buildingblock, waar de connectiestring (.dsn) wordt aangepast met behulp van gevraagde parameters.

Buildingblock: runbook_citrix install xenapp hotfixes

RES HyperDrive

RES Software presenteerde vandaag RES Hyperdrive aan een select gezelschap in You Meet in Utrecht.

RES Hyperdrive is vergelijkbaar met DropBox. Het grootste verschil: Het is de Enterprise DropBox. Het draait op de servers binnen je eigen IT infrastructuur. De data komt dus niet in een public cloud, zoals bij Citrix ShareFile, maar staat secure in je eigen datacentrum.

Er komen clients voor een grote range aan devices: Andriod, Windows Phone 7, iOS, OS X en Windows. Hierdoor heb je overal, waar je ook gaat, beschikking over je data op al je devices: Truly Follow-Me-Data. Zo zijn bestanden op je laptop beschikbaar, en als je in vergadering gaat op je iPad. Veranderingen worden gesynchroniseert zogauw er verbinding is met internet.

Naast storage per user, is het mogelijk om net als bij DropBox shared folders aan te maken en zo bestanden te delen onder meerdere personen. Dit is super handig voor bijvoorbeeld projecten, om alle projectleden van de laatste documenten te voorzien en tegelijk worden je gegevens op de laptops van de gebruikers veiliggesteld in je eigen datacentra en is deze beschikbaar tijdens meetings op ieders telefoon en tablet.

RES Hyperdrive behoeft geen installatie. Er komt een (linux) aplianance voor de grote hypervisors in deze wereld, dus de installatie is bijna Plug and Play (of eigenlijk Import en Play).

Security wordt geregeld vanuit je eigen infra. Management wordt geïntegreerd in de bestaande producten van RES, RES Automation Manager en RES Workspace Manager.

Licentie structuur is nog niet bekend, maar er komt uiteraard geen data-limiet op, RES Hyperdrive kan zo groot worden als je eigen storage in je infrastructuur aan kan.

Morgen komt [26-01-2012] Meer informatie is beschikbaar hier en hier en volgende week gaat de PR machine van RES helemaal los.

Mijn persoonlijke mening over RES Hyperdrive (zover ik er nu informatie over heb): RES Hyperdrive = Citrix ShareFile as it should be. Secure from within your own IT infra on all your consumer devices