Windows (Core) server activeren met een MAK key via de telefoon (zonder internetverbinding)

De komende blogs gaan we een paar dingen behandelen in Windows Activatie die niet heel veel voorkomen, maar je af en toe wel moet doen. Aan ene kant doordat er fouten zijn gemaakt in een al bestaande omgeving met de KMS key, aan de andere kant omdat je bijvoorbeeld geen internet hebt op een Windows Core server.

Windows Core server activeren met MAK key zonder internetverbinding

Af en toe kun je een Windows Core editie tegenkomen, waarbij de server geen internetverbinding heeft en je hem moet activeren met een MAK key. Ook komt het soms voor dat een normale Windows editie je bij gebruik van een MAK key, weigert een optie te geven om te activeren via telefoon, als het via internet niet is gelukt.

In die gevallen kun je de volgende procedure doorlopen:

  1. Open een administrative commandprompt
  2. Type in: slmgr /ipk XXXXX-XXXXX-XXXXX-XXXXX-XXXXX (waarbij xxxx je MAK key is)

    Dit commando zorgt ervoor dat je MAK key voor de windows activatie wordt gebruikt.

  3. Type in: slmgr /dti

    Dit commando toont je het offline activatie nummer dat je moet invoeren bij een activatie per telefoon. Schrijf dit nummer op en verdeel het in 9 blokken van 6 tekens.

    TIP: Druk op CTRL+C in de actieve pop-up en CTRL+V het in Notepad. Bij een niet geactiveerde Windows zou het ID automatisch in blokken worden ingedeeld.

  4. Zoek het telefoonnummer van de offline activatie via het clearinghouse. Dit kun je vinden in het volgende bestand: c:\windows\system32\sppui\phone.inf (de screenshot is van een SP0 installatie. Mogelijk dat het path in SP1 is aangepast naar het juiste path). Deze kun je openen met Notepad, zoek daarna naar NL of Netherlands en dan wordt het nummer getoond. Het 0800-nummer wat daar in staat kan niet via een GSM worden gebeld! In dat geval moet je het 020-nummer draaien.

    Op dit moment zijn de nummers voor het activeren van een Windows MAK key in Nederland: 0800 0233487 en 020 7139240. Op internet zijn de telefoon nummers ook te vinden, namelijk via de volgende website: http://www.microsoft.com/licensing/existing-customers/activation-centers.aspx

  5. Volg de telefonische wizard. Dit houdt in dat je het de 9 blokken van 6 cijfers één voor één invoert en per blok afsluit met een # om vervolgens na herhaling deze te bevestigen. Bij een goed ingevoerde code krijg je van Microsoft de activatiecode terug in 8 blokken van 6 cijfers. Schrijf deze code op of type ze in Notepad en voeg ze vervolgens samen tot een lange tekenreeks van 48 tekens.
  6. Type in: slmgr /atp xxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxx (waarbij xxxx de activatiecode is)

    Met dit commando geef je de offline activatiecode door aan het key management service van je Windows installatie. Deze zal daarna melden dat het activeren is gelukt (of mislukt als je een typefout gemaakt hebt)

  7. Type in: slmgr /dlv

    Dit commando geeft een overzicht van de activatie van je machine. Let er hierbij op dat bovenin vermeld staat dat het om een Volume MAK channel gaat en dat onderin staat dat het product geactiveerd is (license status: licensed

Mocht je nou meerdere Windows (Core) machines moeten aktiveren met een MAK key. Dan is het mogelijk handiger om de VAMT (Volume Activation Management Tool) te gebruiken. Dit is een soort proxy server voor activatie. Daarmee hoef je maar één machine toegang tot internet te geven. Deze zorgt er vervolgens voor dat andere machines via een MAK key geactiveerd kunnen worden (je hoeft dan niet eens meer in te loggen in die machine, alles kan vanaf de VAMT GUI). Meer informatie over VAMT is te vinden op http://technet.microsoft.com/en-us/library/ff686876.aspx

In een volgende blog zullen we een methode gebruiken om een KMS server te deactiveren en een nieuwe te activeren (bv. bij het per ongeluk meerdere malen gebruiken van een KMS key voor het activeren van servers in een domein) en hoe je eventueel een server “hard” verwijst naar een bepaalde KMS server.

Installatie van multi language packs via commandline in Windows 2008 R2/Windows 7

Na installatie van het OS, wat wij als IT-ers natuurlijk in het engels installeren, kan het voor komen dat je nog een extra taal wilt toevoegen. Nou kan dat via de GUI, maar dat wil je niet altijd. Het liefst zou je zien dat je deze via RES Automation Manager of een andere uitroltool geïnstalleerd kan krijgen.

Op de languagepack cd’s van Windows 2008 en Windows 7 vind je meerdere directories. Kies de directory met de taal die je wil installeren en neem hier de lp.cab uit. Deze kun je via de commandline installeren via lpksetup /i * /p [patch of/en bestandsnaam van de languagepack] /r /s

De switches achter lpksetup.exe dienen de volgende doelen:

/i Installeer een taal
/i *

/i [taalkeuze]

Installeer alle talen in het languagepack. Mocht je een languagepack hebben met meerdere talen dan kun je hier één selectie uit maken door bv. nl-NL te gebruiken ipv ster.
/p [path naar languagepack directory]

/p [path+bestandnaam van languagepack]

Path naar een directory met alle languagepacks die je wil installeren. Wil je maar één bepaalde languagepack installeren, dan moet je ook de bestandsnaam erbij plaatsen
/r Geen reboot op het einde van de installatie
/s Stille installatie

Let er bij het gebruik van een languagepack op, dat je versie van Windows wel meerdere talen ondersteund. Installeer je een languagepack op een Windows versie die geen multi-language ondersteund, dan wordt de hoofdtaal van die installatie overschreven!

Na installatie van een languagepack heb je via de GUI de mogelijkheid om de taal in te stellen voor de gebruiker en voor het systeem. Bij Terminal Servers (of Citrix XenApp) wil je in de meeste gevallen dat bij een Nederlands bedrijf Nederlands de standaard taal wordt voor gebruikers en voor het OS/System account.

Dit kun je via de volgende commandline doen: control.exe intl.cpl,,/f:”[path naar configuratie.xml]”

Het configuratiebestand moet er voor Nederlands als volgt uitzien:

<gs:GlobalizationServices xmlns:gs=”urn:longhornGlobalizationUnattend”>

<!– user list –>
  <gs:UserList>
    <gs:User UserID=”Current” CopySettingsToDefaultUserAcct=”true” CopySettingsToSystemAcct=”true”/>
  </gs:UserList>

<!– GeoID –>
  <gs:LocationPreferences>
    <gs:GeoID Value=”176″/>
  </gs:LocationPreferences>

<!– UI Language Prefernces –>
  <gs:MUILanguagePreferences>
    <gs:MUILanguage Value=”nl-NL”/>
    <gs:MUIFallback Value=”en-US”/>
  </gs:MUILanguagePreferences>

<!– system locale –>
  <gs:SystemLocale Name=”nl-NL”/>
<!– user locale –>

<gs:UserLocale>
   <gs:Locale Name=”nl-NL” SetAsCurrent=”true” ResetAllSettings=”false”>
   </gs:Locale>
</gs:UserLocale>

</gs:GlobalizationServices>

Dit configuratie bestand zorgt ervoor dat de taal van de huidige user op Nederlands wordt gezet en dat de regionale instellingen worden gekopieerd naar het default-user profiel en naar het systeem account. De regionale instellingen worden zelf niet ingesteld (dit kan wel) en ook de toetsenbord instelling wordt niet aangepast. De instellingen worden na een reboot aktief op de machine.

Voor meer opties en meer uitleg over de opbouw van het xml-bestand kun je terecht op:

PVS probleem: Windows niet legitiem na booten target device

Om te zorgen dat alle target devices bij Citrix Provisioning Server geactiveerd worden, moet je in het kort de volgende stappen doorlopen bij gebruik van een KMS server:

  1. Installeer het OS op je master device
  2. Activeer deze via een KMS key
  3. Maak een image via de image converter, kies in de wizard voor KMS
  4. Plaats het nieuwe image/vdisk in private mode. Boot een target device van de vdisk
  5. Na booten open je een administratieve commandprompt en type je slmgr /rearm
  6. Nu kun je de machine afsluiten, de disk in standard mode zetten en andere machines er mee booten. Deze zijn als unieke machines bekend op de KMS server. Bij volgende updates van de vdisk hoef je dit niet meer te doen.

Althans, dat is de uitleg van Citrix. Helaas kom ik toch regelmatig voor dat, ondanks dat je bovenstaande stappen volgt, de vdisk toch een probleem laat zien na een update, welke allemaal wijzen op een mislukte activatie en het niet meer geldig zijn van de KMS configuratie. Mogelijkheden bevatten onder andere:

  • De melding “An unauthorised change was made to the system…” .. “er is een niet-toegestane wijziging in Windows aangebracht”


  • Melding rechtsonderin het bureablad dat Windows niet meer legitiem is, al dan niet met een zwarte achtergrond

  • Een activatiescherm nadat je ingelogd bent, met het verzoek opnieuw te activeren.

Als je hierna via het dos-commande slmgr –dlv de status van activatie opvraagt, zul je een foutmelding krijgen dat er geen serialkey is ingevoerd.

Deze meldingen kun je oplossen door de activatie procedure opnieuw te volgen. Hiervoor moet je de volgende stappen doorlopen:

  1. Zet de target device uit.
  2. Open de file properties van de vDisk.
  3. Zet in de vdisk properties de KMS op none en plaats de vdisk daarna in private mode.

    Mocht de vDisk al in private mode staan, zat hem dan eerst op standard mode en sluit de properties af. Open daarna het propertiesscherm weer en plaats de vdisk terug in private mode.

    De reden dat je dat op deze manier moet doen, is omdat de PVS console de instellingen van MAK/KMS alleen opslaat als de vdisk mode wordt aangepast.

  4. Zet de vdisk in Private mode en boot de machine.
  5. Log in, negeer de “serialkey is niet geldig”-meldingen die je kan krijgen. Sluit eventuele activatie vensters.
  6. Open een administrative commandprompt
  7. Type in slmgr -ipk [serialkey voor kms] (zoek hier de juiste KMS serialkey die je moet gebruiken en type de serialkey zonder de [ ] erom)
  8. Type in slmgr -dlv om te checken of de key goed is doorgevoerd. Je zou een melding moeten krijgen dat activatie pending is, zoals hieronder:

  9. Type in slmgr -ato om te testen of activatie via kms goed gaat. Je kunt hierna weer via slmgr –dlv testen of alles goed is. Je zou dan ongeveer de volgende melding moeten krijgen:

    Onderin staat aangegeven bij welke KMS server de client zich heeft aangemeld (kms-computernaam van DNS).

  10. Type in slmgr -rearm om de alles op scherp te zetten voor heractivatie.
  11. Voor office 2010 met KMS: type in c:Program Files(x86)Common Filesmicrosoft sharedOfficeSoftwareProtectionPlatformOSPPREARM.EXE
  12. Sluit de vdisk af.
  13. In de vdisk properties weer KMS inschakelen en de disk in standard mode zetten.

Start nu meerdere target devices op. Als het goed is, krijg je nu geen meldingen meer. Op het moment dat je in de machines een commandprompt start en slmgr –dlv invoert, behoort elke CMID (client kms-id) anders te zijn op de verschillende target devices. Deze CMID is bijna onderin het scherm te vinden. Als dit ID niet uniek is op alle machines, krijg je in later stadium activatie problemen. Het kan meerdere oorzaken hebben, waaronder het niet goed doorlopen van bovenstaande punten en/of niet goed werkende PVS servers/agents (check logfiles).

Meer informatie over: